Visa en Mastercard hebben samen een bijna onbreekbare greep op het Europese betalingsverkeer. Meer dan 95% van alle kaartbetalingen op het continent wordt door deze twee Amerikaanse bedrijven verwerkt, wat elk jaar resulteert in miljarden aan transactiekosten die uit Europa wegvloeien. Bovendien landen gevoelige betalingsgegevens van Europese burgers op servers in de Verenigde Staten. Europa trekt nu aan de rem en investeert actief in eigen infrastructuur om deze afhankelijkheid te doorbreken.
Waarom Europa niet langer op Visa en Mastercard wil leunen
De keerzijde van dit duopolie gaat verder dan alleen kosten. Telkens wanneer iemand afrekent met een creditcard of pinpas, stromen interchange fees en scheme fees richting Washington en San Francisco. In 2023 ging het om biljoenen euro’s aan transacties waarbij Europa structureel betaalt voor infrastructuur die ze niet zelf bezit en niet zelf controleert. Dat maakt het continent kwetsbaar, zowel economisch als op het gebied van datasouvereiniteit. Dit past in een bredere beweging waarbij Europa steeds vaker kiest voor eigen digitale oplossingen — van Big Tech-alternatieven tot betalingssystemen.
Wero: bankieren zonder kaartnetwerk
Wero is het meest concrete Europese antwoord op de kaartdominantie. Het is het vlaggenschip van het European Payments Initiative (EPI), een samenwerking van 16 grote Europese banken waaronder BNP Paribas, Deutsche Bank en Crédit Agricole. Het fundamentele verschil met Visa en Mastercard: Wero werkt via directe rekening-naar-rekening betalingen op basis van SEPA Instant, waardoor kaartnetwerken volledig worden omzeild.
Sinds de lancering in juli 2024 heeft Wero indrukwekkende cijfers laten zien: meer dan 47 miljoen geregistreerde gebruikers in België, Frankrijk en Duitsland, en inmiddels zijn er ruim 100 miljoen peer-to-peer transacties verwerkt met een totaalwaarde van meer dan 7,5 miljard euro. Vanaf november 2025 kunnen ook webshops in Duitsland Wero aanbieden als betaalmethode, met een uitrol naar België, Frankrijk en Nederland gepland voor 2026.
De toekomstplannen zijn veelomvattend. In 2026 volgen contactloze NFC-betalingen in fysieke winkels, gevolgd door functies als abonnementenbeheer, “Buy Now, Pay Later” en koppeling met loyaliteitsprogramma’s. De recente aansluiting van digitale banken zoals N26 en Revolut zal de adoptie verder versnellen.
De EuroPA-alliantie: één netwerk van 130 miljoen gebruikers
Op 2 februari 2026 werd een historisch akkoord ondertekend door vijf grote Europese betaalplatformen: Bizum uit Spanje, Bancomat uit Italië, MB WAY/SIBS uit Portugal, Vipps MobilePay uit Scandinavië en EPI/Wero. Samen vormen zij de EuroPA-alliantie, met als doel één interoperabel betaalnetwerk voor Europa te bouwen.
De schaal is al indrukwekkend: circa 130 miljoen gebruikers in 13 Europese landen, goed voor zo’n 72% van de EU-bevolking plus Noorwegen. De samenwerking heeft al bewezen te werken. Sinds maart 2025 kunnen gebruikers van Bizum, Bancomat en MB WAY grensoverschrijdend betalen in Spanje, Portugal, Italië en Andorra. Zonder enige marketingcampagne werd in 2025 al 6 miljoen euro aan grensoverschrijdende transacties verwerkt.
De routekaart is concreet: in de eerste helft van 2026 wordt een centrale interoperabiliteitshub opgericht. Daarna volgen grensoverschrijdende peer-to-peer betalingen in 2026, en in 2027 worden e-commerce en winkeltransacties toegevoegd. Het einddoel: een Spanjaard die even moeiteloos een vriend in Oslo betaalt als iemand in de eigen buurt.
Sterke nationale kaartnetwerken als fundament
Naast deze nieuwe initiatieven heeft Europa al decennia lang eigen kaartnetwerken die gezamenlijk meer dan 300 miljoen kaarten vertegenwoordigen. Veel van deze systemen functioneren grotendeels onafhankelijk van Visa en Mastercard — al zijn veel kaarten co-branded voor internationaal gebruik.
Cartes Bancaires (Frankrijk)
Met meer dan 70 miljoen kaarten is Cartes Bancaires (CB) veruit het dominante betaalsysteem in Frankrijk. In 2021 verwerkte CB 85% van alle Franse kaartbetalingen, terwijl Visa slechts 3% en Mastercard 5% voor hun rekening namen. Hoewel 95% van de CB-kaarten co-branded is met een van die twee voor gebruik buiten Frankrijk, worden binnenlandse transacties volledig via het Franse netwerk afgehandeld.
Girocard (Duitsland)

Girocard is het Duitse betaalnetwerk met meer dan 100 miljoen kaarten, beheerd door de Duitse Bankvereniging. Het netwerk verbindt vrijwel alle geldautomaten in Duitsland en wordt breed geaccepteerd in fysieke winkels. Wel staat de positie van Girocard onder druk: sommige banken, zoals DKB, zijn overgestapt op Visa Debit als primaire kaart.
Bancomat (Italië)
Bancomat en PagoBancomat vormen samen het Italiaanse nationale betaalsysteem met circa 40 miljoen kaarten en 2,7 miljard transacties per jaar. Het systeem is diep verankerd in het Italiaanse dagelijks leven en speelt een actieve rol als drijvende kracht achter de EuroPA-alliantie.
Overige nationale systemen
Andere krachtige Europese kaartnetwerken zijn Dankort in Denemarken (meer dan 5 miljoen kaarten), BankAxept in Noorwegen (9 miljoen kaarten) en Multibanco in Portugal (19 miljoen kaarten). Al deze systemen zijn verenigd binnen de European Card Payment Association (ECPA), die werkt aan gemeenschappelijke standaarden en interoperabiliteit tussen de aangesloten netwerken.
Mobiele betaalapps die al jaren het verschil maken
Terwijl de discussie over Europese betaalonafhankelijkheid soms abstract aanvoelt, laten mobiele betaalapps zien dat het al lang werkelijkheid is in meerdere Europese landen — geheel buiten Visa en Mastercard om.
Bizum (Spanje)
Met meer dan 30,6 miljoen gebruikers is Bizum de Europese koploper in mobiele betalingen. Via de eigen bank-app kunnen Spanjaarden direct geld overmaken via telefoonnummer, betalen bij webshops én in fysieke winkels. Het systeem is volledig gebaseerd op SEPA Instant en heeft kaartnetwerken volledig overbodig gemaakt voor dagelijks gebruik.

Vipps MobilePay is ontstaan uit de fusie van het Noorse Vipps en het Deense MobilePay in 2026 en bedient nu 12,5 miljoen gebruikers in Noorwegen, Denemarken, Finland en Zweden. De app wordt dagelijks ingezet voor alles van onderling geld overmaken tot winkelen online en in de winkelstraat.
MB WAY (Portugal)

MB WAY verwerkt maandelijks meer dan 70 miljoen transacties in Portugal en bewijst daarmee dat schaalbare, betrouwbare instant-betaalsystemen in Europa niet alleen haalbaar zijn, maar ook massaal worden geadopteerd. De app dekt peer-to-peer betalingen, online shoppen én fysieke winkelbetalingen af.
Swish (Zweden) en TWINT (Zwitserland)

Swish is diep geïntegreerd in het Zweedse dagelijks leven, terwijl TWINT in Zwitserland eenzelfde onmisbare rol vervult. Beide apps zijn aangesloten bij de European Mobile Payment Systems Association (EMPSA), die werkt aan verdere Europese interoperabiliteit tussen mobiele betaalapps.
SEPA Instant en Open Banking: de onzichtbare revolutie
Achter al deze initiatieven schuilt een technologische verschuiving die misschien wel de grootste impact heeft. Sinds januari 2025 zijn directe SEPA-overboekingen binnen 10 seconden verplicht voor alle banken in de EU. Dit maakt rekening-naar-rekening betalingen (A2A) een volwaardig alternatief voor kaartbetalingen, met lagere kosten en directe afwikkeling voor winkeliers.
Open banking, mogelijk gemaakt door de PSD2-wetgeving, geeft fintech-bedrijven de mogelijkheid om betalingen rechtstreeks vanuit bankrekeningen te initiëren — zonder tussenkomst van kaartnetwerken of traditionele betaalproviders. Voor ondernemers resulteert dit in lagere transactiekosten en geld dat direct beschikbaar is op de rekening. Kaartbetalingen kosten gemiddeld 1,5% tot 3% aan transactiekosten, terwijl A2A-betalingen via systemen als Wero of iDEAL beduidend goedkoper uitvallen.
De digitale euro: publiek geld als vangnet
Naast alle private initiatieven werkt de Europese Centrale Bank aan een digitale euro: een centrale bankdigitale valuta (CBDC) die bedoeld is als publiek alternatief voor contant geld in het digitale tijdperk. Anders dan Wero — een privaat bankeninitiatief — zou de digitale euro publiek geld zijn, uitgegeven en gegarandeerd door de ECB zelf.
In oktober 2025 besloot de ECB door te gaan naar de volgende projectfase. Als de EU-wetgeving in 2026 wordt goedgekeurd, kunnen pilottests starten vanaf medio 2027, met een mogelijke eerste uitgifte in 2029. De digitale euro zou gratis beschikbaar zijn voor alle Europeanen en verplicht geaccepteerd moeten worden in de hele eurozone. De ECB benadrukt dat gebruikersprivacy geborgd wordt, dat er limieten komen op het aanhoudbare bedrag ter bescherming van de financiële stabiliteit, en dat het systeem zowel online als offline werkt. Dat is relevant, want 13 van de 20 eurolanden hebben momenteel geen eigen digitaal betaalsysteem en zijn volledig afhankelijk van buitenlandse kaartnetwerken.
Wat betekent dit voor jou als consument of ondernemer?
Voor consumenten brengen deze ontwikkelingen meer keuzevrijheid, lagere kosten en betere privacybescherming. Europese betaalsystemen vallen onder strenge EU-privacywetgeving en houden betalingsdata binnen de Europese grenzen. Naarmate de interoperabiliteit tussen nationale systemen verder toeneemt, kun je straks met je vertrouwde app gewoon door heel Europa betalen.
Voor ondernemers zijn de voordelen nog tastbaarder. Minder transactiekosten, geld dat direct op de rekening staat en minder afhankelijkheid van partijen die buiten de EU opereren. In combinatie met bredere digitale soevereiniteit — denk aan eigen cloudoplossingen of privacyvriendelijke software — bouwen steeds meer bedrijven aan een infrastructuur die minder kwetsbaar is voor buitenlandse invloeden.
Europa op weg naar betaalsoevereiniteit
Na decennia van stilte beweegt Europa nu snel. De combinatie van Wero, de EuroPA-alliantie, sterke nationale kaartnetwerken, open banking via SEPA Instant en de aankomende digitale euro vormt samen een ecosysteem dat Visa en Mastercard voor het eerst écht kan uitdagen.
De tijdlijn is ambitieus maar geloofwaardig: grensoverschrijdende peer-to-peer betalingen in 2026, e-commerce en winkelbetalingen in 2027, en een mogelijke digitale euro in 2029. Voor het eerst in decennia beschikt Europa over de infrastructuur, de politieke wil én de gebruikersbasis om echte betaalsoevereiniteit te realiseren. De vraag is niet meer óf er een volwaardig Europees alternatief voor Visa en Mastercard komt — maar hoe snel consumenten en winkeliers de overstap zullen maken.
